Het Waarborgfonds Motorverkeer keerde in 2025 een recordbedrag van 89 miljoen euro uit, terwijl het aantal claims stabiel bleef. Achter deze cijfers ziet het fonds duidelijke trends: stijgende schadelasten, een sterke groei in wegmeubilairschades en verdere digitalisering van de afhandeling. In totaal werden bijna 49.000 schadeclaims ingediend, vrijwel evenveel als in 2024. De bruto schade uitkeringen stegen naar € 89 miljoen, vooral als gevolg van inflatie en hogere herstelkosten. Tegelijkertijd wist het Waarborgfonds de schadeafhandeling verder te versnellen en de klanttevredenheid hoog te houden.
“Slachtoffers mogen niet de dupe worden van een onverzekerde of onbekende dader,” zegt Carola Wijkamp-Hermsen, directeur bij het Waarborgfonds Motorverkeer. “Wij zorgen ervoor dat de schade toch zorgvuldig en zo snel mogelijk wordt vergoed.”
Schadelast stijgt door inflatie en groei schade aan wegmeubilair
Hoewel het aantal claims in 2025 relatief stabiel bleef, nam de totale schadelast verder toe. De belangrijkste oorzaak is de aanhoudende schade-inflatie: hogere kosten voor herstel van voertuigen en infrastructuur.Opnieuw viel de groei van schades aan wegmeubilair op, waaronder vangrails, verkeersborden en lichtmasten. Dit type schade vertegenwoordigt inmiddels ongeveer de helft van zowel het aantal claims als de totale schadelast.
Tegelijkertijd vraagt de stijgende schadelast nadrukkelijk aandacht. Het Waarborgfonds voert hierover intensief overleg met ministeries en andere stakeholders en werkt aan maatregelen om deze ontwikkeling beheersbaar te houden.
Snellere schadeafhandeling en hoge waardering van klanten
In 2025 zette het Waarborgfonds verdere stappen in de professionalisering van de schadeafhandeling. De gemiddelde doorlooptijd van materiële schades daalde van 30 naar 25 dagen. Een belangrijke bijdrage hieraan kwam van de uitbreiding van digitale schadeportalen. Na eerdere introducties voor particuliere klanten en wegmeubilairschades werd in 2025 ook een nieuw schadeportaal voor zakelijke en professionele klanten in gebruik genomen.
De focus op eenvoud, snelheid en duidelijkheid vertaalt zich in hoge klantwaarderingen. Particuliere klanten beoordeelden de dienstverlening met een 8,5; zakelijke klanten gaven zelfs een 8,6.“Veel mensen komen bij ons terecht op een vervelend moment,” aldus Wijkamp-Hermsen. “Juist dan wil je dat het proces helder, eerlijk, empathisch en voorspelbaar is.”
Insolventiefonds operationeel
Een belangrijke mijlpaal in 2025 was de definitieve inrichting van het insolventiefonds. Dit fonds beschermt benadeelden wanneer een verzekeraar van Nederlandse motorrijtuigen failliet gaat, ook als de schade zich in het buitenland voordoet. Met goedkeuring van het Ministerie van Financiën is gekozen voor een zogenoemd ex post-financieringsmodel, waarbij verzekeraars pas bijdragen wanneer zich daadwerkelijk een faillissement voordoet.
Het Waarborgfonds is voorbereid op uitvoering van deze wettelijke taak, mocht dit nodig zijn.“Het risico op een faillissement is klein, maar de impact kan groot zijn,” zegt Wijkamp-Hermsen. “Met dit fonds voorkomen we dat slachtoffers in zo’n situatie tussen wal en schip vallen.”
Financieel solide basis
De totale inkomsten van het Waarborgfonds stegen in 2025 naar € 115,4 miljoen. Dat is onder meer het gevolg van hogere bijdragen per kenteken, een groeiend aantal voertuigen en rente-inkomsten.
Het exploitatiesaldo kwam uit op € 7,5 miljoen, waarmee het Waarborgfonds financieel solide is om zijn wettelijke taak op de langere termijn uit te voeren en in 2026 een beperkte stijging van de bijdrage per gekentekend motorrijtuig benodigd is.
De bijdrage per gekentekend motorrijtuig bedroeg in 2025 € 9,75. Voor 2026 is dit slechts tien cent hoger (€ 9,85), voornamelijk als gevolg van inflatie en de aanhoudend hoge schadelast. Kostenbesparingen en efficiencymaatregelen hebben geholpen deze stijging te beperken.
Vooruitblik: beheersing schadelast en toekomstbestendige uitvoering
Ook de komende jaren blijft het Waarborgfonds inzetten op beheersing van de schadelast, verdere digitalisering en intensieve samenwerking binnen het verzekerings- en mobiliteitsdomein. Daarbij is nadrukkelijk aandacht voor ontwikkelingen zoals nieuwe vormen van mobiliteit, technologische innovaties en frauderisico’s.
“Onze wettelijke taak blijft hetzelfde, terwijl de wereld om ons heen snel verandert,” zegt Wijkamp-Hermsen. “Door te blijven investeren in slimme processen en goede samenwerking kunnen wij onze maatschappelijke rol ook in de toekomst blijven waarmaken.”








