Aon’s ‘Global Catastrophe Recap: Third Quarter of 2026′: Wereldwijde verzekerde catastrofeschade $ 91 miljard; regionale risico’s nemen toe

De wereldwijde verzekerde schade door natuurrampen beliep in de eerste negen maanden van 2026 naar schatting $ 91 miljard. Dit totaal ligt iets boven het gemiddelde van de 21e eeuw ($ 88 miljard), maar is het laagste cijfer voor deze periode sinds 2019 en blijft ruim onder het gemiddelde van $ 135 miljard dollar over de afgelopen vijf jaar, zo komt naar voren uit het recente Aon-rapport  ‘Global Catastrophe Recap: Third Quarter of 2026’ .

De wereldwijde economische schade bedroeg in dezelfde periode ongeveer $ 204 miljard, wat 31% ligt onder het gemiddelde van de 21e eeuw en het laagste totaal voor de eerste negen maanden sinds 2015. Ondanks het gematigde totaalcijfer waren er 42 gebeurtenissen die elk voor ten minste één miljard dollar aan economische schade zorgden (boven het langetermijngemiddelde van 37), terwijl 23 gebeurtenissen elk voor ten minste één miljard dollar aan verzekerde schade leidden (tegenover een historisch gemiddelde van 14).

Beschermingskloof

De wereldwijde ‘beschermingskloof’ – het deel van de economische schade dat niet door een verzekering wordt gedekt – bedroeg in deze periode ongeveer 55%. Zware convectieve stormen vormden de duurste categorie, zowel wat betreft economische als verzekerde schade. 62% van de wereldwijde verzekerde schade vond plaats in de Verenigde Staten. De droogte in Europa was tot dusver dit jaar de gebeurtenis met de hoogste verzekerde schade (meer dan $  8,5 miljard), terwijl de aardbeving in Venezuela zorgde voor de hoogste economische schade (naar schatting $  25 miljard).

“Gematigde wereldwijde totalen kunnen aanzienlijke regionale gevolgen en opkomende risicoconcentraties maskeren”, aldus Michal Lörinc, Head of Catastrophe Insight bij de afdeling Herverzekering van Aon. “De eerste negen maanden van 2026 laten zien dat het noodzakelijk is om verder te kijken dan de geaggregeerde cijfers. Het is essentieel om te begrijpen hoe veranderende risicopatronen, blootstelling en de mate van verzekeringsdekking invloed hebben op gemeenschappen, overheden en bedrijven.”

Belangrijke thema’s in het rapport waren onder meer:

  • El Niño keert het scenario voor orkaanactiviteit in de Atlantische en Stille Oceaan om: Het Atlantische orkaanseizoen verliep tot en met september zonder dat er een orkaan ontstond, pas de vierde keer sinds 1950. Daarentegen kenden het oostelijke en centrale deel van de Stille Oceaan acht zware orkanen, waaronder drie stormen van categorie 5; een evenaring van het record voor dit gebied. Dit contrast werd veroorzaakt door een zeer sterke El Niño, die de ‘windschering’ (windschuiving) boven de Atlantische Oceaan versterkte, terwijl in de Stille Oceaan juist warmer water en een snelle intensivering van stormen werden bevorderd.
  • Kostbare zomer in Canada: overstromingen, stormen en branden leiden tot grote verliezen: De verzekerde schade in Canada bedroeg in de eerste negen maanden van 2026 meer dan $ 3,3 miljard. Hiermee was dit de op drie na kostbaarste periode sinds 2000. In tegenstelling tot jaren waarin één grote catastrofe de schade domineerde, was het totaal nu het gevolg van een reeks middelgrote gebeurtenissen, die zich grotendeels in de zomer voordeden.
  • Recordhitte legt de toenemende kwetsbaarheid van Europa bloot: Europa kampte van mei tot september met aanhoudende hitte, extreme droogte, lage rivierwaterstanden en natuurbranden. Op 37% van het Europese landoppervlak werden recordtemperaturen gemeten (op dag-, maand- of seizoensbasis), terwijl 52% te maken kreeg met zeer zware hittestress. Er werden bijna 40.000 hittegerelateerde sterfgevallen gemeld. Droogte en hitte leidden tot uitgedroogde bodems, belemmeringen voor de landbouw en watervoorziening, en een verhoogd risico op bodemdaling. De totale economische schade oversteeg de $ 14 miljard, waarvan ongeveer $ 7,5 miljard in Frankrijk, waar ook de verzekerde schade met $ 5 miljard een recordniveau bereikte.
  • Aardbevingen in Colombia en Venezuela leggen de ‘beschermingskloof’ bloot: Zware aardbevingen in Colombia en Venezuela onderstreepten de gevolgen van de lage verzekeringsgraad in delen van Latijns-Amerika. De aardbeving in Colombia op 10 augustus veroorzaakte naar schatting $ 9,6 miljard aan economische schade, waarmee het de kostbaarste gebeurtenis wereldwijd in het derde kwartaal was. De verzekerde schade en de uitkeringen via herverzekering zullen naar verwachting aanzienlijk zijn, maar wel beheersbaar, dankzij bestaande herverzekeringsprogramma’s, catastrofereserves en de kapitaalkracht van verzekeraars. Daarentegen veroorzaakte de aardbeving in Venezuela op 24 juni naar schatting $ 25 miljard aan economische schade. Het aandeel van de verzekerde schade zal naar verwachting echter beperkt blijven, vanwege de geringe verzekeringsgraad en de beperkte capaciteit van de lokale markt.

“Deze gebeurtenissen tonen aan hoe zware aardbevingen een aanzienlijke financiële last kunnen leggen bij huishoudens en overheden, zeker daar waar grote hiaten in de bescherming bestaan”, aldus Lörinc. “Door de ontwikkeling van eigen analytische instrumenten en door nauw samen te werken met onze klanten en markten wereldwijd, streven wij ernaar dit beschermingsgat te verkleinen. Zo kunnen wij gemeenschappen, overheden en bedrijven – waar zij zich ook bevinden – beter ondersteunen.”

 

Het volledige rapport ‘Global Catastrophe Recap’ over het derde kwartaal van 2026 is hier te vinden: https://aon.io/2026-q3-cat-report.