Onderzoek Storage Share: Bij nood denken Nederlanders eerder aan foto’s dan aan geld

 

Als Nederlanders halsoverkop hun huis moeten verlaten vanwege een natuurramp, zoals een brand, denken ze eerder aan het redden van herinneringen en huisdieren dan aan kostbaarheden. Het veiligstellen van foto’s en fotoboeken heeft voorrang op het meenemen van geld en sieraden. Pas later denken mensen aan spullen om te overleven, zoals kleren, eten en drinken. Dat blijkt uit onderzoek onder Nederlanders van 16 jaar en ouder in opdracht van Storage Share, aanbieder van flexibele opslagruimte.

 In geval van nood weet negen op de tien Nederlanders precies wat er gered moet worden, zo wijst de enquête, uitgevoerd door marktonderzoeksbureau Factsnapp, uit. Niet verwonderlijk is dat ons paspoort en andere id-bewijzen het vaakst als eerste worden genoemd (18,3%). Daarna wint emotionele waarde het opvallend vaak van financiële waarde. Zo komen huisdieren op plek twee (15,2%) en horen zij meer bij de eerste reflex dan geld en bankpassen (slechts door 8,4% als eerste genoemd). Ook foto’s en fotoboeken (11,2% als eerste genoemd) krijgen voorrang boven kostbaarheden.

Pas op een later moment lijken we aan overleven te denken. Want kleding, eten en drinken worden vooral vaak genoemd als vierde en vijfde keuze. Dat laatste is saillant, gelet op alle aandacht vanuit de overheid voor het klaarzetten van een noodpakket, waaronder eten en drinken, om je daarmee 72 uur te kunnen redden.

 Bovenstaand calamiteitenscenario achten we overigens niet waarschijnlijk. Nederlanders maken zich namelijk nauwelijks zorgen om de veiligheid van waardevolle bezittingen in huis door het extreme weer en de mogelijke gevolgen daarvan, zoals branden en overstromingen. Die zorgeloosheid staat haaks op de nonchalante manier waarop we onze bezittingen beschermen. Slechts 4,3% zegt namelijk dat waardevolle spullen op een plek liggen waar ze niet kunnen worden aangetast door droogte, vocht of hitte.

Lege dozen weg, herinneringen niet

Storage Share, dat 10 jaar bestaat, liet ook onderzoeken hoe het zit met onze bewaarcultuur. Waar nemen we, ook in een normale situatie, nooit afscheid van? En wat als we noodgedwongen toch moeten ontspullen, aangezien ruimte steeds schaarser wordt, en nieuwbouwwoningen steeds kleiner? Ook dan speelt de emotionele waarde een belangrijke rol. Stel dat we een kwart van onze woonruimte moeten opgeven, dan kunnen lege dozen en verpakkingen als eerste de deur uit (door 6,1%t genoemd), gevolgd door tijdschriften en kranten (5,3% en meubels (4,2%).

Afscheid nemen van kleren zorgt voor een strijd tussen de seksen. Opmerkelijk daarbij is dat vrouwen bij ruimtegebrek veel eerder hun kleren wegdoen (zo’n 4,2%) dan mannen (3,0%). Spullen waar een herinnering aan kleeft willen we zo lang mogelijk bij ons houden, ongeacht of we man of vrouw zijn. Hobbyverzamelingen en vakantiesouvenirs staan onderaan de lijst als we per se moeten opruimen en weggooien.

Een vergelijkbaar beld ontstaat wanneer de vraag luidt welke spullen je ondanks ruimtegebrek nooit op een externe locatie zou opslaan. Administratie staat met 16,3 procent op 1 (maar dan vooral uit praktisch oogpunt: mensen moeten er vaak bij kunnen). Daarna volgen spullen van een overleden dierbare (15,9%) en foto-albums (15,6%). Het zijn significant vaker vrouwen die ze altijd bij zich willen houden. Als toelichting komen termen als ‘dierbaar’, ‘bang om kwijt te raken’ en ‘wil er regelmatig naar kijken’ veelvuldig terug.

 

 

v