| Het ontbreekt in Nederland aan een geschikte methode om te meten hoeveel er met alcohol en drugs wordt gereden. Dit staat in SWOV-rapport Het meten van alcohol- en drugsgebruik in het verkeer tijdens reguliere politiesurveillances dat deze week is gepubliceerd. Tot nu toe worden hiervoor gegevens van de bekende grootschalige fuikcontroles gebruikt. Door social media weten automobilisten deze controles echter steeds vaker te ontwijken. Bovendien wordt er bij de fuikcontroles alleen op alcohol gecontroleerd en niet op drugs. Metingen gebaseerd op aselecte controles tijdens reguliere politiesurveillances bieden mogelijkheden om ook zicht te krijgen op drugs in het verkeer. Maar deze werkwijze heeft ook nadelen, zo laat een proefopzet zien die SWOV in samenwerking met de politie uitvoerde. Alcohol en drugs zijn belangrijke risicofactoren in het verkeer en verdienen daarom aandacht in beleid en onderzoek. Het is dan ook van belang dat het aandeel bestuurders dat onder invloed van alcohol en/of drugs rijdt (prevalentie) betrouwbaar gemeten kan worden. De nieuwe aanpak en de uitvoering ervan werden geëvalueerd door middel van interviews met politiepersoneel (coördinatoren en ambtenaren) en door analyse van de meetgegevens. Er zijn lessen getrokken met betrekking tot: § het willekeurig staande houden van bestuurders; § het realiseren van een optimale spreiding van de controles over locaties en tijdstippen § het combineren van drugs- en alcoholcontroles § de perceptie en de motivatie van de betrokken ambtenaren § de vereiste tijdsinvestering van politiecoördinatoren; en § het verzamelen, beschermen en uitwisselen van gegevens. Lees voor meer informatie het SWOV-rapport. (Bron: SWOV) I |








