Het ondernemersvertrouwen is gestegen en komt in het eerste kwartaal van 2026 uit op -1,8. Het vertrouwen steeg het meest in de autohandel en -reparatie en in de informatie en communicatie. De helft van de bedrijven geeft aan kostenstijgingen niet of nauwelijks door te kunnen berekenen. Dit melden het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), KVK, het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), MKB-Nederland en VNO-NCW op basis van de Conjunctuurenquête Nederland.
De stijging van het ondernemersvertrouwen komt doordat ondernemers minder negatief zijn over de ontwikkeling en de verwachting van het economisch klimaat. Het ondernemersvertrouwen ligt boven het gemiddelde (-3,7) vanaf 2012 en op het hoogste niveau sinds begin 2022. Toch is het cijfer nog wel licht negatief.
Sterkste stijging bij autohandel en -reparatie
Het ondernemersvertrouwen is in negen bedrijfstakken gestegen en in drie gedaald. In de bedrijfstak autohandel en -reparatie steeg het vertrouwen het sterkst en sloeg het om van negatief naar positief. Ook bij de detailhandel en de bouwnijverheid werd het cijfer positief. In de informatie en communicatie zijn ondernemers het meest positief gestemd. In de landbouw, bosbouw en visserij, de horeca en de vervoer en opslag daalde het ondernemersvertrouwen en zijn ondernemers ook het meest negatief gestemd.
| Ondernemersvertrouwen per bedrijfstak | ||
| Bedrijfstak | januari 2026 (Gemiddelde van de deelvragen) | oktober 2025 (Gemiddelde van de deelvragen) |
| Totaal (ex. financieel of nutsbedrijven) |
-1,8 | -4,0 |
| Informatie en communicatie | 9,2 | 1,3 |
| Autohandel en -reparatie | 5,8 | -5,7 |
| Detailhandel (niet in auto’s) | 1,4 | -4,8 |
| Bouwnijverheid | 1,1 | -2,9 |
| Zakelijke dienstverlening | 0,3 | -1,4 |
| Cultuur, sport en recreatie | -1,1 | -5,1 |
| Industrie | -2,9 | -3,4 |
| Verhuur en handel van onroerend goed |
-3,5 | -9,4 |
| Groothandel en handels- bemiddeling |
-3,9 | -6,9 |
| Vervoer en opslag | -4,7 | -3,0 |
| Horeca | -12,0 | -8,4 |
| Landbouw, bosbouw en visserij |
-20,6 | -16,7 |
| Bron: CBS, EIB, KVK, MKB-Nederland, VNO-NCW | ||
Helft bedrijven kan hogere kosten niet of nauwelijks doorberekenen
Bijna alle bedrijven (94%) geven aan te maken te hebben met hogere kosten. 82% van de ondernemers geeft aan dat personeelskosten een van de (twee) belangrijkste oorzaken waren, 29% zegt dat van de kosten van grondstoffen en materialen. Kosten voor energie, transport en logistiek, en huisvestingskosten noemen ondernemers in verhouding weinig.
De helft van de bedrijven zegt deze kostenstijgingen niet of nauwelijks te kunnen doorberekenen aan hun klanten. In januari 2023 en 2024 was dit ook het geval. In de verhuur en handel van onroerend goed en de landbouw, bosbouw en visserij kunnen ondernemers het minst vaakst kostenstijgingen doorberekenen. Iets minder dan de helft (46%) kan dat voor een groot deel of volledig. Ondernemers in de bouwnijverheid kunnen hogere kosten meestal wel doorberekenen. Ook in de vervoer en opslag, de autohandel en -reparatie en de zakelijke dienstverlening geldt dit voor meer dan de helft van de ondernemers.
| Kunt u kostenstijgingen doorberekenen aan klanten/afnemers? | |||||
| Bedrijfstak | Volledig (% bedrijven) | Voor een groot deel (% bedrijven) | Voor een klein deel (% bedrijven) | Geheel niet (% bedrijven) | Niet van toepassing, geen kostenstijging (% bedrijven) |
| Totaal (ex. financieel of nutsbedrijven) |
5,1 | 41,4 | 43,4 | 6,3 | 3,8 |
| Verhuur en handel van onroerend goed |
1,3 | 17,3 | 44,2 | 29,5 | 7,7 |
| Landbouw, bosbouw en visserij | 4,0 | 25,2 | 40,7 | 27,1 | 3,0 |
| Detailhandel (niet in auto’s) | 1,4 | 33,4 | 52,2 | 8,8 | 4,2 |
| Cultuur, sport en recreatie |
4,2 | 29,3 | 51,8 | 6,3 | 8,4 |
| Horeca | 0,9 | 40,2 | 51,6 | 6,1 | 1,2 |
| Groothandel en handels- bemiddeling |
4,6 | 35,8 | 47,7 | 6,9 | 5,0 |
| Industrie | 4,0 | 39,2 | 49,2 | 4,4 | 3,2 |
| Informatie en communicatie | 9,9 | 37,5 | 42,5 | 4,3 | 5,8 |
| Zakelijke dienstverlening | 5,5 | 45,8 | 39,8 | 3,9 | 5,0 |
| Autohandel en -reparatie | 6,2 | 46,2 | 41,7 | 1,6 | 4,3 |
| Vervoer en opslag | 9,5 | 45,5 | 35,6 | 7,1 | 2,3 |
| Bouwnijverheid | 7,5 | 65,2 | 22,9 | 4,1 | 0,3 |
Ruim twee derde bedrijven winstgevend in 2025
Net als vorig jaar geeft ruim twee derde van de bedrijven aan het afgelopen jaar winstgevend te zijn geweest. Ruim 12 procent maakte verlies. Iets meer dan 13% heeft geen noemenswaardige winst of verlies gemaakt en de overige 7% weet het (nog) niet.
In de groothandel en handelsbemiddeling ligt het aandeel winstgevende bedrijven in 2025 het hoogst, met 77%. In de cultuur, sport en recreatie is dit met 50% het laagst. In de verhuur en handel van onroerend goed is het aandeel bedrijven dat verlies heeft gemaakt het laagst (0,5%), in de vervoer en opslag (24%) ligt dit het hoogst. Vergeleken met vorig jaar is het aandeel winstgevende bedrijven in de detailhandel het sterkst gestegen, van 48% naar 63%. In de horeca en de vervoer en opslag is dit het meest gedaald.











