Economie kraakt: conflict Midden-Oosten jaagt energie- en transportprijzen omhoog

„Als het conflict in Iran langer dan een paar weken gaat duren kan dat leiden tot een inflatieschok zoals in 2022.” Dat zegt Johan Geeroms, Director Risk Underwriting Benelux bij Allianz Trade. Ook waarschuwt hij voor oplopende faillissementen in de eurozone.

Geeroms: „Nu de doorvoer in de Straat van Hormuz stokt, gaat het overal in de echte economie kraken. Niet alleen schiet de olie- en gasprijs omhoog. Ook lopen complete logistieke ketens vast. Containers blijven steken, omvaarroutes duren weken extra waardoor vrachtkosten nog meer oplopen. Voor Europese importeurs en exporteurs betekent dat direct duurdere containertransporten en dus hogere inkoopprijzen.” Omdat bunkerolie de afgelopen maand al met zo’n 20 procent in prijs is gestegen, kunnen rederijen hun brandstofkosten met 40 à 50 procent zien oplopen, wat de zeevrachtprijzen met 15 tot 20 procent hoger kan zetten, zo stelt Allianz Trade. ​

Driedubbele dreun

“Ondernemers in transport, industrie en detailhandel krijgen een driedubbele dreun,” vat Geeroms samen. „Duurdere energie, hogere zeevracht en een consument die door inflatie de hand op de knip houdt. Ook energie-intensieve sectoren en bedrijven met dunne marges komen onder druk te staan. Vandaar dat we ook onze faillissementscijfers naar boven moeten bijstellen.” In het zwaardere scenario gaat de groei in de eurozone terug richting 1 procent, terwijl de inflatie oploopt naar zo’n 2,5 procent en de kredietopslagen voor bedrijven toenemen.

​Allianz Trade rekent in het ‘basisscenario’ (kortdurend conflict) met een olieprijs die kort piekt rond 85 dollar en daarna terugvalt naar circa 70 dollar per vat. Dat zou de inflatie in de eurozone slechts beperkt verhogen, met ongeveer 0,1 à 0,2 procentpunt. Geeroms: „Anders wordt het als het conflict echt langer gaat duren. Vooral door hogere prijzen aan de pomp en de hogere energiekosten zal de inflatie dan oplopen, waardoor mogelijk de renteplannen van de ECB in het geding komen.” De tienjaarsrente op Duitse staatsleningen kan in zo’n scenario oplopen richting 2,9 à 3,2 procent, wat lenen voor overheden en bedrijven duurder maakt.

Koopkracht wordt uitgeknepen

Het rapport van Allianz Trade wijst op grote sectorverschillen. Energieproducenten, niet‑Golf‑LNG‑exporteurs richting de EU en bepaalde raffinaderijen profiteren juist van de hogere energieprijzen en het grotere belang van energiezekerheid. Europese luchtvaartmaatschappijen, chemiebedrijven en gasintensieve nutsbedrijven krijgen daarentegen de rekening gepresenteerd via hogere kerosine-, feedstock- en gasprijzen. Veel bedrijven kunnen die extra kosten maar beperkt doorberekenen. Ook consumentgerichte sectoren in energie‑importerende landen -zoals retail en delen van de dienstensector- worden geraakt doordat tijdelijke brandstofinflatie de koopkracht verder uitknijpt.

Praktische maatregelen

Volgens Geeroms dwingt de situatie zowel bedrijven als overheden tot praktische maatregelen. „Bedrijven moeten nu hun energie- en logistieke risico’s in kaart brengen: waar mogelijk contracten heronderhandelen, alternatieve aanvoer- en omvaarroutes regelen en nadenken over het tijdelijk verhogen van voorraden op kritieke punten in de keten.” Overheden zien zich intussen gesteld voor de taak om de strategische olie- en gasvoorraden verstandig in te zetten, gerichte steunmaatregelen te treffen en tegelijk de investeringen in energie‑infrastructuur en energiebesparing te versnellen. „Juist in dit soort crisissen blijkt hoe cruciaal LNG‑terminals, stroomnetten en pijpleidingen zijn. Daar moet versneld kapitaal naartoe”, besluit Geeroms