Onderzoek Kenniscentrum Stelsel Gesubsidieerde Rechtsbijstand:  Aanbod sociaal advocaten onder grote druk’; NOvA roept op tot snelle invoering kantoortoeslag

Het aantal sociaal advocaten neemt sterk af. De uitstroom is fors groter dan de instroom. Dit blijkt uit onderzoek van het Kenniscentrum Stelsel Gesubsidieerde Rechtsbijstand. De vergrijzing, maar ook de uitstroom van jonge advocaten in de sociale advocatuur is duidelijk zichtbaar. Dit rapport toont de urgentie aan van een snelle invoering van de kantoortoeslag, zoals ruim een jaar geleden is aanbevolen door de Commissie van der Meer II. Het onderzoek is gedaan in opdracht van de Nederlandse orde van advocaten (NOvA), Raad voor Rechtsbijstand en het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Kwalitatief goede en onafhankelijke advocatuur is een onmisbare pijler van de democratische rechtsstaat. De NOvA maakt zich daar sterk voor. Voor rechtzoekenden moeten er voldoende sociaal advocaten zijn en die zijn er steeds minder. De beroepsorganisatie maakt zich daar ernstig zorgen om. Uit eerdere onderzoeken bleek al dat er tekorten bestaan in verschillende regio’s en in bepaalde rechtsgebieden. Nu is aangetoond hoe nijpend de situatie daadwerkelijk is: het duurzaam aanbod van sociaal advocaten staat onder grote druk. De afgelopen tien jaar is sprake van een afname van bijna een kwart van de actieve sociaal advocaten in het stelsel. En de komende jaren zal een derde van de advocaten stoppen.

Noodzaak kantoortoeslag

Het kabinet trekt vanaf 2027 structureel 30 miljoen euro extra uit voor het stelsel van gefinancierde rechtsbijstand. Ook voor 2026 is extra geld beschikbaar. Maar er moet structureel meer gebeuren om het tekort tegen te gaan en ervoor te zorgen dat jongeren sociaal advocaat willen worden én blijven.

De NOvA roept daarom op met spoed geld vrij te maken voor de kantoortoeslag, een belangrijke aanbeveling die de Commissie van der Meer II ruim een jaar geleden deed. Alleen op deze manier kan het tekort en de toekomstige uitstroom door pensioen worden opgevangen. Sanne van Oers, algemeen deken: “Het verhogen van de tarieven was een noodzakelijke stap, maar niet voldoende. Sociaal advocaten kunnen van het huidige tarief vaak geen personele ondersteuning of kantoorruimte betalen. Daarnaast hebben ze geen financiële ruimte om de jonge generatie op te leiden. Daarvoor is die kantoortoeslag heel hard nodig.”

Met pensioen

Uit het onderzoek van het Kenniscentrum blijkt dat het aantal ingeschreven advocaten in de leeftijdsgroep ouder dan 55 toeneemt, terwijl de groepen advocaten onder de 35 en 45 tot 55-jarigen juist steeds kleiner worden. Onder de 35 jaar is zelfs sprake van een afname van meer dan 45%.

“Van Oers: “Het komende decennium stromen circa 2.500 advocaten uit vanwege pensioen. Dit is ongeveer 30% van het totaal aantal sociaal advocaten. Als dit niet heel snel wordt tegengegaan zullen rechtzoekenden binnen afzienbare tijd echt geen advocaat meer kunnen vinden.”

In de sociale advocatuur is een schaalverkleining zichtbaar: verhoudingsgewijs zijn er steeds minder advocatenkantoren waar sociaal advocaten werkzaam zijn, terwijl het aantal eenpersoonspraktijken is toegenomen.

Verschillen regio’s

Met name in het noordoosten van het land, in Drenthe en Oost-Groningen, is het aantal ingeschreven advocaten per inwonersaantal zeer laag. In nagenoeg alle regio’s wordt het totaal aantal ingeschreven advocaten met de jaren kleiner. De grootste dalingen zijn te zien in Utrecht, Zuid-Limburg, Noord-Brabant, Arnhem/Nijmegen, Leiden en in de Bollenstreek. Voor sommige specialisaties, zoals sociaal zekerheidsrecht en psychiatrisch patiëntenrecht, en in bepaalde regio’s geldt dat er helemaal geen sociaal advocaten meer beschikbaar zijn.

Resultaten uit het onderzoek:

 Krimpend aanbod | stokkende instroom | pensioneringsgolf

  • Ten opzichte van 10 jaar geleden zijn ruim 22% minder advocaten actief in het stelsel (daling van 7.667 in 2019 naar 5.934 in 2024).
  • In 2024 zijn er slechts 2.706 advocaten met 50 of meer toevoegingen per jaar.
  • Tijdens de afgelopen 10 jaar zijn er 45% minder advocaten actief die jonger dan 35 jaar zijn.
  • Slechts 18% van de advocaten nu actief in het stelsel is jonger dan 35 jaar.
  • Naar verwachting gaat een derde van de sociaal advocaten binnen 10 jaar met pensioen.
  • Bijna een kwart van de 7.823 ingeschreven advocaten is niet actief.

Behoud moeilijk | afname kweekvijvers

  • Meer dan 40% van de jonge sociaal advocaten verwacht binnen 5 jaar afscheid te nemen als sociaal advocaat.
  • Kantoren met 3-10 advocaten zijn de ruggengraat en kweekvijvers van het stelsel: 80% van de instroom van jonge sociaal advocaten via deze kantoren.
  • Bijna kwart minder kantoren met meerdere advocaten t.o.v. tien jaar geleden. • Bijna kwart meer eenpersoonspraktijken (die amper opleidingsplekken bieden) t.o.v. tien jaar geleden.
  • Huidige vergoedingen blijken ontoereikend voor kantoren.

 Stabiele vraag | onderbenutting

  • Jaarlijks aantal toevoegingen stabiel rond 380.000.
  • Er is geen direct verband tussen aantal toevoegingen en krimpend aanbod.
  • Er is waarschijnlijk onderbenutting van het stelsel: meer dan twee derde van mensen met juridisch probleem zoekt geen juridische hulp.

Grote verschillen verschillende regio”s

Het aantal advocaten met 50 of meer toevoegingen per 100.000 inwoners verschilt sterk per regio: Groot-Amsterdam (31), agglomeratie Den Haag (25), Zuid-Limburg (23), en agglomeratie Haarlem (22) hebben er relatief veel, zeker vergeleken met regio’s als ZuidwestGelderland (3), Delfzijl (4), Zuidwest-Friesland, Achterhoek en ZuidoostDrenthe (5), en Delft en Westland (6)

Grote verschillen specialisaties

Advocaten met 50 of meer toevoegingen per 100.000 inwoners in 2024 Grote verschillen tussen specialisaties Aantallen ingeschreven advocaten in 2024 (en afname ten opzichte van 2021) voor enkele specialisaties:

  • Sociaal zekerheidsrecht: 862 (-10%)
  • Civiel jeugdrecht: 863 (- 10%)
  • Personen- en familierecht: 2.454 (-9%)
  • Arbeidsrecht: 1.290 (-2%)

Bij een aantal specialisaties is sprake van een toename (bijvoorbeeld huurrecht +9% en psychiatrisch patiëntenrecht +1%).