In 2025 kwamen 759 mensen om in het verkeer. Dat zijn er 84 meer dan een jaar eerder. Fietsers zijn het vaakst slachtoffer (281), gevolgd door mensen die in een personenauto zitten (228). Het aantal verkeersdoden nam alleen toe onder mannen, onder vrouwen daalde het. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op basis van de nieuwste cijfers.
Er kwamen drie keer zo veel mannen (575) mannen als vrouwen (184) om in het verkeer. Het aantal mannelijke verkeersdoden is 21 procent hoger dan een jaar eerder. Bij vrouwen is het juist 8% lager.
Vooral meer fietsers
In 2025 kwamen 281 fietsers om het leven in het verkeer, 35 meer dan het jaar ervoor. 228 inzittenden van een personenauto hadden een fataal ongeluk, acht meer dan in 2024. Ook overleden 59 voetgangers, 54 mensen in een scootmobiel, 53 motorrijders en 38 brom- en snorfietsers door een verkeersongeval.
Vergeleken met eerdere jaren verongelukten in 2025 meer inzittenden van een bestel- of vrachtauto (40). Van 2020 tot en met 2024 schommelde het aantal slachtoffers tussen 6 en 27 met een gemiddelde van 17 per jaar.
Bijna twee derde fietsdoden heeft hoofdletsel
Van de fietsers die omkwamen reed minimaal 41% op een e-bike. Er overleden acht fatbike-rijders door een verkeersongeluk. Van alle fietsdoden is 63% overleden met hoofdletsel als belangrijkste oorzaak.
| Fietsdoden per 100 duizend inwoners, 2025 | |
| Leeftijd | 2025 (fietsdoden per 100 duizend inwoners) |
| Mannen | |
| jonger dan 10 jaar | 0,2 |
| 10 tot 20 jaar | 1,1 |
| 20 tot 30 jaar | 0,7 |
| 30 tot 40 jaar | 0,5 |
| 40 tot 50 jaar | 1,3 |
| 50 tot 60 jaar | 1,6 |
| 60 tot 70 jaar | 2,4 |
| 70 tot 80 jaar | 7,0 |
| 80 jaar of ouder | 14,8 |
| Vrouwen | |
| jonger dan 10 jaar | 0,0 |
| 10 tot 20 jaar | 0,6 |
| 20 tot 30 jaar | 0,5 |
| 30 tot 40 jaar | 0,0 |
| 40 tot 50 jaar | 0,1 |
| 50 tot 60 jaar | 0,5 |
| 60 tot 70 jaar | 1,1 |
| 70 tot 80 jaar | 2,6 |
| 80 jaar of ouder | 3,4 |
Meer verkeersdoden onder fietsende mannen van 70 jaar of ouder
De toename van het aantal omgekomen fietsers in het verkeer was alleen bij mannen van 70 jaar of ouder. In 2025 waren dit 118 overledenen, 40 meer dan het jaar ervoor. Per 100.000 inwoners is het aantal verkeersdoden onder fietsers het hoogst bij mannen van 80 jaar of ouder. Relatief gezien is het aantal fietsers van 70 jaar of ouder dat is overleden door een verkeersongeluk de laatste 25 jaar niet gestegen.
4 op de 10 omgekomen fietsers botsten met auto
Van de fietsers die dodelijk verongelukten in het verkeer, kwam van 2021 tot en met 2025 gemiddeld 42% om het leven door een aanrijding met een personen- of bestelauto. 31% verongelukte zónder botsing met een andere verkeersdeelnemer of een vast object, zoals een paaltje. Ze kwamen bijvoorbeeld ongelukkig ten val. Van de verongelukte fietsers van 70 jaar of ouder heeft 36% geen botsing gehad.
Van de verkeersdoden onder inzittenden van een personenauto kwam 45% om door een aanrijding met een andere auto, bestelauto, vrachtauto of een bus. Bij 38% was een botsing met een vast object de oorzaak.Bij voetgangers die in het verkeer om het leven kwamen was in twee derde van de gevallen een personen- of bestelauto betrokken.












