KPMG: 87% van de Nederlanders wil actievere rol van EU bij vergroten cyberweerbaarheid 

 

  Maar liefst 87% van de Nederlanders vindt dat de Europese Unie een actievere rol moet spelen bij het vergroten van de cyberweerbaarheid van zowel bedrijven als overheidsorganisaties. Daarnaast zijn er grote zorgen over de transparantie van organisaties en overheden over het gebruik van AI bij het verwerken van persoonsgegevens. Dat blijkt uit het nieuwste KPMG Privacy Marktonderzoek 2026 onder Nederlanders vanaf 18 jaar.

Nederlanders verwachten niet alleen betere bescherming, maar willen ook openheid wanneer er iets misgaat. 87% vindt dat organisaties nog niet transparant genoeg communiceren over cyberincidenten en wil daar verbetering in zien. Cyberveiligheid wordt daarmee gezien als een publieke verantwoordelijkheid en niet uitsluitend als iets dat alleen intern bij organisaties speelt. Het onderzoek laat zien dat het vertrouwen in digitale technologie onder druk staat. Consumenten vragen om strengere regels, meer transparantie en betere bescherming van persoonsgegevens.

Nederlanders willen duidelijke grenzen voor AI
Nederlanders hebben behoefte aan meer toezicht en duidelijke spelregels voor het gebruik van AI. Hoewel de technologie steeds zichtbaarder wordt in het dagelijks leven, vertrouwt bijna twee derde van de Nederlanders (63%) liever op mensen dan op AI bij belangrijke beslissingen. Daarnaast vindt ruim driekwart (78%) van de respondenten dat er strenge regelgeving moet gelden voor het gebruik van AI en algoritmes door bedrijven en overheden. Slechts 26% heeft er vertrouwen in dat organisaties voldoende open zijn over de manier waarop AI wordt gebruikt bij het verwerken van persoonsgegevens.

“De boodschap van consumenten is helder. Technologie biedt grote kansen, maar vertrouwen is geen vanzelfsprekendheid”, zegt Stephan Idema, Director TechLaw & Privacy bij KPMG Nederland. “Mensen verwachten dat organisaties transparant zijn over de inzet van technologie, verantwoordelijkheid nemen voor cyberveiligheid en kunnen aantonen dat persoonsgegevens goed worden beschermd.”

Banken genieten het meeste vertrouwen, online platforms blijven achter
Consumenten zien grote verschillen tussen sectoren. Banken en financiële instellingen genieten het meeste vertrouwen: 62% van de respondenten denkt dat deze organisaties goed beschermd zijn tegen cyberdreigingen en datalekken. De overheid volgt op afstand met 45% en van ziekenhuizen en zorginstellingen denkt 39% dat zij hun digitale veiligheid op orde hebben.

Sociale mediaplatforms, technologiebedrijven en online retailers scoren aanzienlijk lager. Slechts 29% heeft vertrouwen in sociale mediaplatforms en technologiebedrijven, terwijl dat aandeel voor webwinkels en online retailers op 19% uitkomt. Investeringen in digitale veiligheid en verantwoord datagebruik worden steeds belangrijker voor het vertrouwen van consumenten in organisaties.

Jongeren delen vaker gegevens voor gemak
Opvallend is de houding van jongeren onder de 30 jaar. Zij behoren tot de meest actieve gebruikers van AI en digitale diensten, maar maken zich relatief vaak zorgen over hun privacy (46%). Ondanks die zorgen zijn zij vaker bereid persoonsgegevens te delen in ruil voor gemak, gepersonaliseerde dienstverlening of toegang tot nieuwe technologie (35%).

Die spanning laat zien dat consumenten technologische vooruitgang niet afwijzen, maar wel willen weten wat er met hun gegevens gebeurt en welke bescherming daarbij geldt. Transparantie en controle blijven belangrijke voorwaarden voor vertrouwen.

De resultaten wijzen op een bredere maatschappelijke ontwikkeling. Nederlanders beschouwen digitale veiligheid, AI en privacy steeds vaker als onderwerpen die nauw met elkaar samenhangen. Organisaties die inzetten op transparantie, veiligheid en verantwoord gebruik van technologie, kunnen rekenen op meer vertrouwen van consumenten.