Vier procent volwassenen heeft langdurige klachten na corona

In 2024 gaf vier procent van de volwassenen aan drie maanden of langer klachten te hebben die (mogelijk) door het coronavirus werden veroorzaakt. Bij de meeste van hen (57%) duurden de klachten één tot drie jaar, en bij ruim een kwart (27%) drie jaar of langer. Dat blijkt uit cijfers van de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024.Daar kwam verder uit  naar voren dat 12% van de personen met langdurige  klachten na corona zich ernstig beperkt voelt in het dagelijkse leven en 62% zich enigszins beperkt.  Bij een kwart van de groep met langdurige klachten is post-covid vastgesteld door een arts.

De klachten waar het om gaat zijn divers: van vermoeidheid en concentratieproblemen tot overgevoeligheid voor licht en geluid en kortademigheid. Ook verschillen de ernst en duur van de klachten per persoon. De impact van de klachten is groot: bijna driekwart van de mensen met langdurige klachten voelt zich beperkt in het dadelijks leven.De impact is groot: bijna driekwart van de mensen met langdurige klachten voelt zich beperkt in het dagelijks leven. Volwassenen met langdurige klachten die zich hierdoor beperkt voelen in het dagelijks leven, rapporteren duidelijk slechtere gezondheidsuitkomsten dan volwassenen zonder (langdurige) klachten of zonder beperkingen.

De resultaten zijn gebaseerd op zelfrapportage. Bij ongeveer een kwart van de mensen met langdurige klachten is post-covid door een arts vastgesteld. Bij de overige respondenten is niet bekend om wat voor soort klachten het gaat en wanneer de klachten zijn begonnen.

Langdurige klachten na corona komen relatief vaker voor bij volwassenen met enige tot grote moeite met rondkomen. Zij ervaren hierdoor ook vaker een beperking in het dagelijks leven. “De samenhang in dit onderzoek dat vraagt naar sociaal-demografische kenmerken en langdurige klachten, toont echter geen causaliteit aan. Eerder onderzoek van het Nivel en het RIVM laat zien dat erkenning en begrip belangrijk zijn bij het omgaan met langdurige klachten, maar dat dit niet altijd voldoende wordt ervaren. Beleid kan zich richten op (h)erkenning, passende ondersteuning en het beter bereiken/toeleiden van kwetsbare groepen naar zorg”, aldus RIVM.