Armand Hoftijzer (MarshBerry): Herschrijft AI de spelregels van verzekeringsdistributie?

Deze week werden de financiële markten opgeschrikt door een plotselinge, forse koersdaling bij beursgenoteerde verzekeringsmakelaars. De aanleiding was een reeks nieuwe marktintroducties waarbij kunstmatige intelligentie (AI) centraal staat, en het groeiende besef onder beleggers dat AI steeds verder opschuift richting de kern van verzekeringsdistributie. Gaat AI daadwerkelijk de spelregels van verzekeringsdistributie herschrijven, en wat betekent dat voor intermediaire bedrijven?  In onderstaand  artikel gaat Armand Hoftijzer, Managing Director bij MarshBerry hier nader op in.

Op 9 februari 2026 kregen beursgenoteerde verzekeringsmakelaars te maken met een scherpe koerscorrectie. In de VS daalden de aandelen van de grootste verzekeringsmakelaars die dag fors: WTW met 12%, Aon met 9,9% en Arthur J. Gallagher met 9,3%. Gezamenlijk daalden de beursgenoteerde Amerikaanse makelaars, gemeten met de MarshBerry Broker Composite Index, met 8,9%. De volgende dag sloeg de beweging over naar Europese verzekeringsaandelen. Europese verzekeraars zoals Hiscox, AXA en MAPFRE leverden die dag allemaal aanzienlijk in. Bij de Nederlandse beursgenoteerde verzekeraars was dit effect overigens niet zichtbaar. De belangrijkste aanjager was de zorg van beleggers over door AI gedreven distributiemodellen in verzekeringen en de impact daarvan op traditionele verzekeringsintermediairs.

Daling in aandelen van verzekeringsmakelaars door zorgen over AI‑ontwrichting

Bron: Illustratie gemaakt door MarshBerry met gegevens afkomstig van Yahoo Finance. Gegevens tot en met 9 februari 2026. De volgende beursgenoteerde verzekeringsmakelaars zijn opgenomen in de index: Arthur J. Gallagher & Co. (AJG), Aon Plc (AON), Brown & Brown, Inc. (BRO), Marsh & McLennan Companies, Inc. (MRSH), Willis Towers Watson Public Limited Company (WTW) en The Baldwin Group (BWIN).

Dit was geen brede, door macro-economische factoren gedreven koersbeweging. De katalysator was AI, en vooral het groeiende besef in de markt dat conversational AI, AI die klantgesprekken kan voeren en begeleiden, steeds dichter tegen het verkooppunt aan schuift in verzekeringsdistributie.

Dit betekent zeker niet dat verzekeringsintermediairs overbodig worden. Het is wel een sterk signaal dat beleggers opnieuw een beeld vormen waar waarde ontstaat, hoe sterk en verdedigbaar klanttoegang werkelijk is en welke partijen AI kunnen vertalen van een mooie belofte naar tastbaar voordeel.

AI schuift op in de verzekeringsketen

In korte tijd kwamen twee ontwikkelingen samen die een bredere verschuiving zichtbaar maken: van AI die vooral tekst genereert en vragen beantwoordt, naar AI agents die grote delen van het verzekeringsproces kunnen begeleiden, van risico-inventarisatie en beoordeling tot vergelijken, aanvragen en daadwerkelijk afsluiten.

De eerste ontwikkeling was berichtgeving in meerdere media dat OpenAI de eerste door een verzekeraar gebouwde AI-verzekeringsapp binnen ChatGPT heeft goedgekeurd. Deze app is ontwikkeld door de Spaanse digitale verzekeraar Tuio en draait op de distributie-infrastructuur van het jonge technologiebedrijf WaniWani. Gebruikers kunnen in de chatomgeving een gepersonaliseerde offerte voor een woonverzekering ontvangen. Naar verwachting volgt daarna ook een aankoopfunctie, zonder dat de klant hoeft door te klikken naar een brokerwebsite of een traditionele vergelijkingstool.

Tegelijk kondigde Amerikaanse Insurify, een snelgroeiende Amerikaanse vergelijkingssite en intermediair, aan wat het omschreef als de eerste ChatGPT-vergelijkingsapp voor autoverzekeringen. De tool stelt gebruikers in staat om binnen ChatGPT gepersonaliseerde prijsindicaties te vergelijken en verzekeraars naast elkaar te beoordelen, op basis van Insurify’s data en reviews. Daarna kan de gebruiker via Insurify het aankoopproces afronden. Financieel analisten legden expliciet een verband tussen deze lancering en de scherpe ééndaagse waardedaling in Amerikaanse beursgenoteerde brokingaandelen.

Wat deze ontwikkelingen onderscheidt van eerdere AI doorbraken, zijn de distributiemechanismen. Via OpenAI’s App Directory, feitelijk een appstore binnen ChatGPT, kunnen echte producten en aanvraagprocessen direct in een AI gesprek worden geïntegreerd. Daardoor kunnen klanten in één interface naadloos bewegen van intentie (ik heb dekking nodig) naar actie (laat opties zien, geef me een offerte en sluit deze polis voor me af).

Samen zijn dit duidelijke signalen dat conversational AI verschuift van een informatielaag naar een actielaag. Dat is relevant, omdat de marktmacht en waardecreatie in verzekeringsdistributie vaak wordt bepaald door de partij die het startpunt van de klant beheerst. Als de eerste interactie binnen een AI-interface plaatsvindt, worden traditionele routes via (vergelijkings)websites en fysieke assurantiekantoren minder centraal en verschuift waarde richting partijen die die nieuwe ‘voordeur’ bezitten, ermee integreren of daar optimaal vindbaar zijn.

Een parallel met de SaaS-markt

Ook in de SaaS-markt zagen we het afgelopen jaar een beweging die sterk doet denken aan wat nu in verzekeringsdistributie speelt. SaaS, voluit Software as a Service, is software die als online dienst wordt aangeboden, en niet op je eigen servers draait of eenmalig als pakket of licentie wordt aangekocht. De leverancier host, onderhoudt en vernieuwt de applicatie, en de gebruiker betaalt meestal een terugkerend abonnement, vaak per maand en per gebruiker. Denk aan boekhoud-, of HR-software die je via een browser of app gebruikt, inclusief updates en beveiliging.

Toen AI zich als extra laag bovenop bestaande applicaties begon te positioneren, kregen veel beursgenoteerde SaaS-bedrijven te maken met een stevige herwaardering. De controle over de gebruikersinterface kwam onder druk te staan, overstappen werd eenvoudiger en seat-based abonnementsmodellen, waarbij je per gebruiker betaalt, verloren een deel van hun vanzelfsprekendheid.

Verzekeringsdistributie is geen software, maar de parallel is duidelijk. Als klanten steeds vaker starten in een AI interface, daar begeleiding krijgen, opties vergelijken en richting een offerte bewegen zonder een website te bezoeken of met een persoon te spreken, verschuift de aandacht en daarmee de waarde. Dat maakt intermediairs zeker niet overbodig, maar het vergroot wel de druk op marges in segmenten waar de waardepropositie vooral draait om toegang tot verzekeringsproducten en transactionele afhandeling.

De impact van AI verschilt per segment

Het is te kort door de bocht om te stellen dat alle verzekeringsintermediairs hun relevantie dreigen te verliezen. De impact van AI verschilt sterk per segment en zelfs per intermediair. Daarom is het belangrijk om scherp te onderscheiden waar de klantreis relatief goed te comprimeren is in een AI interface, en waar juist expertise, context en het menselijk oordeel bepalend zijn.

Op korte termijn ligt de meeste druk bij gestandaardiseerde, prijsgedreven verzekeringsproducten, met name in particuliere producten. Daar is vergelijken al de norm en wegen snelheid en gemak vaak zwaarder dan de relatie. In die segmenten kan AI frictie wegnemen, overstappen vereenvoudigen en een groter deel van de vroege klantreis naar één interface trekken.

In zakelijke en specialty lines ligt de dynamiek anders. Een groot deel van de toegevoegde waarde van intermediaire bedrijven zit in dienstverlening waarin risicobeoordeling complex is, dekking maatwerk vraagt en klantwaarde ontstaat door structurering, markttoegang, onderhandeling en ondersteuning bij claims. AI kan dit werk juist versterken, met slimmere dataverzameling en analyse en met snellere, beter onderbouwde besluitvorming. Het is veel minder waarschijnlijk dat dit volledig verschuift naar een eenvoudige AI-vergelijking van polissen naast elkaar.

De meest directe en mogelijk belangrijkste verschuiving speelt zich bovendien af binnen intermediaire bedrijven zelf. Naarmate AI evolueert van copilots naar zogeheten agentic workflows, kan het administratieve, repetitieve werk over meerdere stappen en systemen heen bijna volledig worden geautomatiseerd. Medewerkers van intermediaire bedrijven kunnen hun tijd en kennis dan vooral inzetten op de momenten waarop menselijk oordeel echt nodig is of persoonlijk contact het verschil maakt.

Voor intermediaire bedrijven ligt hier een duidelijke kans om efficiency te creëren: kortere doorlooptijden, betere placement en meer adviseurstijd voor complex cliëntwerk. In een markt waarin groei minder uit premiestijgingen komt en klanten kritischer worden op kosten, wordt efficiency een echte onderscheidende factor. Het beschermt marges en maakt tegelijk ruimte om te blijven investeren in expertise en klantervaring.

Implicaties voor de overnamemarkt en bedrijfswaarderingen

Vanuit het perspectief van M&A-transacties is de recente herwaardering op de financiële beurzen vooral een signaal over waar kopers denken dat de waardecreatie naartoe beweegt, en minder een oordeel over de huidige prestaties van grote beursgenoteerde makelaars. Als beleggers zo scherp reageren op dit soort ontwikkelingen, is dat vaak een voorbode van hoe investeerders hun risico-inschattingen gaan aanscherpen, due diligence anders gaan inrichten en waarderingsmultiples sterker gaan differentiëren. Naar verwachting worden drie verschuivingen daardoor zichtbaarder in de aan- en verkoopprocessen van intermediaire bedrijven.

  1. Kopers en investeerders zullen steeds meer nadruk leggen op de toekomstbestendigheid van distributiemodellen. Ze willen concreet begrijpen in hoeverre de omzetbasis van een intermediair ook op langere termijn houdbaar blijft in een wereld waarin AI verder oprukt. In de praktijk betekent dit dat in verkoopprocessen meer gewicht komt te liggen op aantoonbare klantretentie, de mate van adviesintensiteit richting klanten en de vraag of klantrelaties duurzaam in de organisatie zijn verankerd, ook na het moment van afsluiten.
  2. De innovatiekracht van een intermediair bedrijf en de inrichting van de processen wegen zwaarder mee in waarderingen en dealstructuren. Naarmate AI de lat hoger legt, kijken investeerders kritischer naar cost-to-serve, datakwaliteit en de manier waarop workflows zijn ingericht. Partijen die overtuigend kunnen aantonen dat zij technologie inzetten om processen te automatiseren, van lead tot acceptatie, polisopmaak, verlengingen en placement, worden gezien als beter gepositioneerd. Waar processen nog sterk handmatig zijn, zien we kopers vaker extra investeringen, uitvoeringsrisico en een langere route naar efficiency inprijzen, met directe gevolgen voor waardering en dealstructuur.
  3. Tot slot verwachten we dat de spreiding in waarderingen verder zal toenemen. Sterke intermediaire bedrijven met een scherpe specialisatie, consistente organische groei en een hoge innovatiegraad blijven aantrekkelijk voor investeerders en zullen daardoor eerder een hogere bedrijfswaardering realiseren. Bedrijven met meer operationele kwetsbaarheden krijgen daarentegen vaker te maken met voorzichtiger prijsstelling, strakkere voorwaarden en meer nadruk op earn-outs die expliciet zijn gekoppeld aan retentie en margeontwikkeling.

Per saldo wordt AI minder een algemeen technologisch thema en meer een concrete factor die de uitkomst van transacties beïnvloedt. Het vervangt niet de fundamenten die kopers (investeerders) van intermediaire bedrijven altijd belangrijk hebben gevonden, zoals solide klantrelaties, leiderschap, bedrijfscultuur en terugkerende inkomsten uit provisies. Wel zal het in toenemende mate bepalen hoe duurzaam die fundamenten worden ingeschat, en daarmee in welke mate zeker kopers bereid zijn te betalen voor toekomstige resultaten.